• BDUmedia

Baarnse Literatuurprijs: 4. Dirk was mijn vriend

BAARN Tijdens het Cultureel Festival Baarn op 1 september worden de Baarnse Literatuurprijs en de Baarnsche Courant publieksprijs uitgereikt. Afgelopen weken stonden de twaalf genomineerde verhalen in de Baarnsche Courant. Dit is één van de nominaties:

Dirk was mijn vriend

Als ik terugdenk, zie ik Dirk in zwembroek met het kammetje dat half uit zijn zwembroek stak. Daarboven de witte trui met een rood-wit-blauw gebiesde V-hals. Alsof hij zojuist Nederlands kampioen was geworden in wat dan ook. Dirk hield van duiken. Dirk kon mooi duiken. Van de lage en van de hoge, voorwaarts en achterwaarts, gehoekt, gestrekt of met een mooie curve, met of zonder salto. Soms met een salto mortale, soms met een draaiing om de as. Als Dirk niet dook lagen we naast elkaar op de licht hellende zonneweide. Meestal zeiden we niet veel. We hadden niet zoveel gemeen, behalve het water en wat er om heen hangt. De zomer zuchtte onder een hittegolf. Wij waren pubers, wij waren de hittegolf en wij keken naar ontluikend groen. Naar Michelle van de burgemeester in haar roze bikini, naar spichtige jongens die voetbalden met hoopjes kleren als doelpalen. Er was een vrijend stelletje half verscholen achter de rododendrons. En dan die Duitse vrouw die sinds kort in ons dorp woonde, ze deed haar zonnebril met spiegelende glazen af en smeerde haar lijf in met zonnebrandolie. Schudde met het blonde haar nee tegen meneer van den Brink op zijn handdoekje. Hij zat met zijn transistorradio schuin achter haar. We keken naar Adele en Simone die naar het winkeltje liepen, verdwenen en weer verschenen met een ijsje. Simone keek even naar ons en giechelde en beide meiden vlijden zich neer op het grasveld. Te ver van ons vandaan om een gesprek te beginnen, te dichtbij om ze te negeren. Ze likten hun ijsjes. En als op het einde van de middag het verlokkende aanbod uit de luidsprekers schalde om papiertjes te prikken in ruil voor een half uur gratis roeien, stonden we op en prikten papiertjes met de ernst van grote mensen. Daarna roeiden we, elk een roeispaan. Dirk rechts en ik links, onze voeten tegen het bankje om kracht te zetten. In ons hoofd de speedboot wiens voorsteven de hemel opzoekt. We roeiden tegengesteld waardoor onze boot een draaikolk werd. We knalden in volle vaart tegen de beschoeiing. Of we scheerden onze roeispaan over het water zodat onze voorgangers nat werden. “Niet spatten, niet spatten,” schalde het dan uit de luidsprekers. Als we na sluitingstijd naar huis fietsten stopte Dirk soms voorbij de houtopslag onder het afdak bij de bijenkorven. Bijen kijken. “Mag ik effe voelen,” zei hij dan, terwijl hij zijn hand op mijn gulp legde.

Veertig jaar later rijd ik mijn geboortedorp binnen. De zon kiert door de mistflarden en weerkaatst de dauwdruppels op de klinkers. Ik verlaat het dorp en volg het vertrouwde landweggetje. Voorbij de bocht plooit het gazon zich als een slabber rond mijn ouderlijk huis. Tussen de dennentakken door zie ik mijn moeder met haar onberispelijk grijze kapsel de geelrode blaadjes van de Japanse kers bijeenharken. Ze heeft een nieuwe heup en ze is er blij mee. Mijn vader schuifelt de oprit af en vist de post uit de brievenbus. Even later, de koffie is gedronken en de appeltaart was heerlijk, haalt mijn vader een krantenknipsel tevoorschijn. Ik lees over Dirk V.. Binnenkort is de zitting. Er zijn vermoedens dat Dirk V. zich bij sportmassages niet heeft beperkt tot sportmassages. Naar aanleiding van klachten van enkele vrouwelijke leden van de zwemclub werd er nader onderzoek ingesteld.

’s Middags sta ik met mijn moeder in de rij voor de kassa van de Albert Heijn. Er wordt op mijn schouder getikt, heel voorzichtig. Ik draai me om. Dirk.